Sint RafaŽl kerk

Het orgel

Het orgel in de St. Rafaelkerk werd in 1856 gebouwd door Loret voor het JezuÔtenklooster in Culemborg. Het orgel in de St. Rafaelkerk werd in 1856 gebouwd door Loret voor het JezuÔtenklooster in Culemborg.
Het werd in 1915 gerestaureerd door Maarschalkerweerd & Zn. Deze plaatste de Bourdon 16' op een pneumatische lade voor het pedaal.
In 1936 kreeg het een nieuwe plaats in het Seminarie te Apeldoorn door J.J. Elbertse.
In 1974 werd dit een politieacademie. Daarop verplaatsten vrijwilligers onder leiding van de firma Elbertse uit Soest het naar de moderne Heilige Geestkerk in Utrecht Overvecht. Bij deze gelegenheid werd het ook gelijk gerestaureerd. Op 2 september 1974 werd het in gebruik genomen met een concert, waaraan organist Jos Wielakker meewerkte.
In 1984 verving Elbertse de Prestant 16' discant en de Bourdon 16' van het Hoofdwerk door een Cornet III discant en een Octaaf 2'.

Op 30 november 2006 heeft het kerkbestuur de opdracht gegeven om het noodzakelijke onderhoud aan het orgel uit te voeren. Deze actie is in het begin van februari 2007 begonnen en inmiddels voltooid. Onder leiding van een medewerker van orgelbouwer Elbertse zijn de orgelpijpen verwijderd. De kleinere pijpen zijn door de orgelbouwer meegenomen naar zijn werkplaats, de grote zijn achtergebleven in de kerk. Alle metalen pijpen zijn door de orgelbouwer schoongemaakt en zo nodig gerepareerd. Het schoonmaken van de houten pijpen is door de orgelbouwer aan de vrijwilligers voorgedaan en daarna door hen verder afgemaakt. Daarbij hebben zij de gevonden scheuren in het hout gedicht en van de lekke stemstoppen de geitenlederen bekleding vernieuwd. Nadat de pijpen en andere onderdelen uit de orgelkast waren gehaald, bleek dat de linker aanbouw van de kast was verzakt. Op advies van de orgelbouwer is deze aanbouw in de oorspronkelijke stand teruggebracht en met spankabels gezekerd. Vervolgens kwam de vermoedelijke oorzaak aan het licht. Bij een van de voorgaande verhuizingen van het orgel, moet een plank, die over de gehele breedte van het orgel doorloopt, precies op de aanhechting aan het middendeel zijn doorgezaagd. Die op zijn kant geplaatste plank was de steun voor de linker en rechteraanbouw. De steunfunctie was daarna niet op de juiste wijze "hersteld" Met een hoekijzer is een en ander nu weer degelijk aan elkaar verbonden.



De orgelbouwer en de adviseur van de Katholieke Klokken- en Orgelraad adviseerden eendrachtig het oorspronkelijk register (stem) Prestant Discant 16', waarvan de pijpen achter het orgel waren bewaard, weer te gebruiken. Het niet oorspronkelijke register Cornet DIII dat daar destijds voor in de plaats kwam, moest daarom verwijderd worden. Bij het uithalen van de pijpen van de sub bas 16' bleek, dat de windlade waarop die pijpen staan dermate slecht was dat daaraan binnen enkele jaren ingrijpend onderhoud nodig zou zijn. Door dit bij het lopende onderhoud mee te nemen, werd dat aanzienlijk goedkoper. Bovendien was dat volgens de orgelbouwer en de adviseur van de KKOR een uitgezochte gelegenheid om de Bourdon 16' weer in zijn geheel vanaf het manueel bespeelbaar te maken, zoals de ontwerper Loret het had bedoeld. De pijpen van de Bourdon 16' zijn daarom weer allemaal op de oorspronkelijke windlade aangesloten en het later geplaatste Octaaf 2' is weer uit het orgel verdwenen. Het pedaal is weer in zijn geheel "aangehangen" Met een aangehangen pedaal kunnen alleen registers gebruikt worden als die ook op het "handklavier"(manuaal) worden gebruikt. De orgelbouwer heeft de overbodig geworden pijpen van de parochie overgenomen.

Door deze veranderingen is de oorspronkelijke samenklank van de stemmen weer hersteld. Bovendien zijn de veranderingen gunstig voor het behoud van de orgelpijpen. Zo kan men voortaan makkelijker in de orgelkast komen en het orgel stemmen. Voor de organist betekent het wel dat niet alle orgelmuziek gespeeld kan worden zoals de componist het heeft bedoeld.
Tijdens het onderhoud werd ook duidelijk dat de elektrische aansluitingen en verlichting niet meer van deze tijd waren. Het aanpassen daarvan is in eigen beheer uitgevoerd. Deze en andere bijkomende werkzaamheden betekenen wel een niet voorziene aanslag op onze beperkte onderhoudsreserve die daardoor feitelijk uitgeput is. Het bestuur en het "orgelfonds" beraden zich over de vraag wat daaraan te doen is.

Orgelrestauratie

Tijdens de restauratie zijn een aantal foto's gemaakt die een aardig beeld schetsen van de diverse activiteiten die hebben plaats gevonden. Als u hier klikt kunt u ze zien.

Ons orgel heeft ook de aandacht gekregen van anderen.
Internationaal vindt u deze hier.   Kijk daar onder Nederland en zoek onder Utrecht.

Er is ook een Utrechtse site. Deze is hier te bereiken.

De dispositie van het Loret orgel (1856) is:

Hoofdwerk (C-f3) :  

Prestant 8'
Holfluit 8'
Prestant 4'
Fluit 4'
Quintadena 3'
Octaaf 2' - 1974
Cornet III sterk (discant) - 1974
Trompet 8'             
                                              

Nevenwerk (C-f3) :

Bourdon 8'
Salicionaal 8'
Viola de Gamba 8'
Fluit 4' 
Flageolet 2'
                             
           

 

Pedaal (C-d1) :

Bourdon 16' - 1974


Koppelingen:
Pedaal - Hoofdwerk 
Hoofdwerk - Nevenwerk                                   

 

 

logo

© 2011 Mijn-eigen-website.nl